Menu

‘Hallo mam, ik zie je bórsten!’

Door: Pien (39)

“Trek je dát aan?!” Zoon (11) werpt me een blik vol afschuw toe. “Hallo mam, dat kan écht niet hoor. Ik zie je borsten!”

Nog geen twee minuten geleden keek ik voldaan in de spiegel. Vijf kilo lichter dan een paar weken geleden en tamelijk vers op de datingmarkt; ik mocht er best zijn, vond ik. Mijn jurkje valt op knielengte en los van mijn naaldhakken kan het niet veel braver. En waar hééft zoon het eigenlijk over? Ik ga naar een werkborrel. Voor zover zijn broertje en hij weten, dan. Volstrekt legitiem op een woensdagavond, dus vooral aan vasthouden. Dat ik weer eens date is één ding, dat de kinderen het weten een tweede. Werkborrel. Alleen maar vrouwen. Bijkletsen. Maximaal twee wijntjes. Vroeg thuis.

Toegewijd aan het moederschap

En wat nou, borsten. Een beetje decolleté en alle seinen staan op rood. Als het even kan zien de kinderen me het liefst in habijt. Sexloos. Volledig toegewijd aan het moederschap en vooral niet beschikbaar voor volwassen mannen. Kortom: van hén.

“Ik snap niet wat jij nou zo aanstootgevend vindt”, zeg ik tegen zoon. “Jij kijkt de hele dag niks anders dan vloggers en videoclips vol vrouwen die overdag minder kleding dragen dan ik wanneer ik onder de douche vandaan kom. Bij wijze van spreken, dan.” Zoon rolt met zijn ogen. “Dat is anders, mam. Die vrouwen zijn jong. Jij bent al… of nou ja… je wordt toch bijna veertig. Mannen zitten echt niet te wachten op jouw borsten, hoor. Of ze willen meteen met je naar bed. En daar zit jij weer niet op te wachten.”

Zijn alle jongens van elf zo bijdehand?

Ik wil iets tegenwerpen. Over dat er geen man op die werkborrel te vinden is. En ik heus ook gewoon nog vrouw ben, naast moeder. Ook al ben ik stokoud. En echt geen sexy kleding nodig heb om aandacht te krijgen. Ik besluit de wijste te zijn. Dit is een prototype Oedipuscomplex, zoveel is duidelijk. Zijn alle jongens van elf zo bijdehand?

Ik geef de kinderen een kus en schiet in mijn jas. “Maakt mij niet uit hoor, hoe laat je thuis bent”, roept de oppas me na. “Ik heb morgen geen school.” Ik negeer haar knipoog.

In de metro gluur ik onopvallend even naar beneden. Ik ben toch niet echt te sexy gekleed? Kom op zeg, ik had een sport-bh kunnen aantrekken en je zou het niet zien in dit jurkje. Straks denkt mijn date hetzelfde als zoon. Dat ik mezelf te grabbel gooi. Geen klasse heb. Terwijl dit exemplaar er nou juist weleens één zou kunnen zijn die de moeite waard is. Diepgang heeft. Karakter én een hart. O, en looks, dat vooral niet te vergeten.

Overhemd op maat. Italiaanse schoenen…

Ach, ga weg, stel ik mezelf gerust: toen ik hem per toeval ontmoette (hoewel, toeval: zijn gevatte oneliner aan de bar was geen ongelukje), zag hij er ook tiptop uit. Overhemd op maat. Italiaanse schoenen. Zijn oog wil duidelijk ook wat.

Resoluut wuif ik al mijn onzekerheden weg, en stap vijf haltes later uit. Prompt ontvang ik twee berichtjes. “Hé Pien, waar blijf je met je heerlijke lach? Ik wil je honderdduizend dingen vragen, vertellen… En de Saint-Emilion Grand Cru ademt”, appt mijn date. Exact tegelijk stuurt zoon een tekst. “Fijne werkborrel, mam. Enne, niet met hem zoenen hè. Dat doe je maar op jullie volgende date.”

Lees ook: De slipjesdief

 

Deel dit via:

, ,

No comments yet.

Geef een reactie